- Websites en apps waarmee consumenten iets kopen.
- Bankdiensten voor consumenten.
- E-boeken en bijbehorende software.
- Bellen, chatten en audiovisuele media.
- Kaartverkoop en reisinformatie in het personenvervoer.
- Zelfbedieningsterminals, e-lezers, smartphones.
Toegankelijkheidseisen voor je app: wat geldt er?
Sinds 28 juni 2025 geldt de Europese toegankelijkheidsrichtlijn, in Nederland de Implementatiewet toegankelijkheidsvoorschriften producten en diensten. Die raakt een vaste lijst consumentgerichte producten en diensten, waaronder webshops, en micro-ondernemingen die diensten aanbieden zijn vrijgesteld. Los daarvan zit het meeste resultaat in een handvol dingen die tijdens het bouwen bijna niets kosten. Dit is algemene uitleg, geen juridisch advies.
Het korte antwoord: geldt dit voor jou?
Er lopen twee regimes naast elkaar: eentje voor overheden, sinds vorig jaar eentje voor bedrijven.
Overheidsorganisaties zijn al langer verplicht. Hun websites en apps moeten voldoen aan de Europese norm EN 301 549, met een gepubliceerde toegankelijkheidsverklaring erbij. Dat loopt via het Besluit digitale toegankelijkheid overheid, dat voor websites in 2019 en 2020 inging en voor apps in juni 2021. Bouw je voor een gemeente, dan komt die eis via je opdracht binnen.
Voor bedrijven geldt sinds 28 juni 2025 Richtlijn (EU) 2019/882, de European Accessibility Act, in Nederland ingevoerd als de Implementatiewet toegankelijkheidsvoorschriften producten en diensten. Die geldt niet voor alles wat digitaal is, maar voor een afgebakende en duidelijk consumentgerichte lijst: e-handelsdiensten zijn erin gekoppeld aan het sluiten van een consumentenovereenkomst. De praktische vraag is dus of een consument bij jou iets kan kopen. Dit is algemene uitleg en geen juridisch advies; de wettekst en je toezichthouder zijn leidend.
Wat er wel en niet onder valt
De lijst is korter dan mensen denken, en de uitzondering scherper afgebakend.
- Interne tools voor je eigen medewerkers.
- Software die je alleen aan bedrijven levert.
- Een prototype dat alleen testers zien.
- Micro-ondernemingen die diensten aanbieden.
- Producten die al voor 28 juni 2025 in gebruik waren, tot ze vervangen worden.
Die uitzondering verdient precisie. Artikel 4 stelt micro-ondernemingen die diensten aanbieden vrij van de toegankelijkheidsvoorschriften en van alles wat met naleving samenhangt. Een micro-onderneming heeft volgens artikel 3 minder dan tien werknemers en een jaaromzet of balanstotaal onder de drempel uit de richtlijn; beide voorwaarden tellen. De ACM en Ondernemersplein noemen de exacte grenzen.
Twee dingen worden daarbij gemist. De vrijstelling gaat over diensten: verkoop je een van de producten uit de lijst, dan krijg je lichtere verplichtingen, geen vrijbrief. En het is geen status die je houdt, want groei je over de grens, dan zit je met een product dat er niet op gebouwd is.
Welke norm de maatstaf is
De wet zegt wat er moet, de norm zegt hoe je dat aantoont.
De Europese norm voor toegankelijkheid van ICT heet EN 301 549. Voor websites en apps verwijst die door naar WCAG, de richtlijnen van het W3C. WCAG kent de niveaus A, AA en AAA, en AA is overal de lat: dat is wat de overheidsverplichting aanhoudt en wat opdrachtgevers in contracten zetten.
Welke WCAG-versie geldt, hangt af van de versie van EN 301 549 waarnaar wordt verwezen. De nu gepubliceerde versie verwijst naar WCAG 2.1, niveau A en AA; er komt een versie die naar WCAG 2.2 verwijst, en digitoegankelijk.nl houdt die stand bij. Een keurmerk bestaat niet: je onderbouwt zelf hoe je aan de eisen voldoet, en dienstverleners die eronder vallen moeten die uitleg ook publiek beschikbaar hebben.
De zes dingen waar bijna alle winst zit
WCAG heeft tientallen criteria. Deze zes veroorzaken het grootste deel van de problemen.
- Voldoende contrast. Op niveau AA haalt gewone tekst een contrastverhouding van 4,5 op 1 met de achtergrond, grote tekst en de randen van bedienbare elementen 3 op 1. Lichtgrijze hulptekst en witte letters op een pastelknop vallen daar bijna altijd doorheen. Dat is een keuze in je kleurenpalet, niet in je code.
- Bedienbaar zonder muis. Alles wat klikbaar is moet je met de Tab-toets kunnen bereiken en met Enter of spatie bedienen, met een zichtbare focusrand. AI-bouwers leveren hier vaak een klikbare div in plaats van een echte knop: ziet er identiek uit, maar krijgt geen focus en wordt niet als knop aangekondigd.
- Tekstalternatieven voor beeld. Een afbeelding die informatie draagt heeft een alt-tekst die diezelfde informatie overbrengt; een decoratief beeld krijgt juist een lege alt, zodat voorleessoftware hem overslaat. Let ook op knoppen met alleen een icoontje: die hebben een naam nodig die je niet ziet, maar wel gelezen wordt.
- Formuliervelden met een echt gekoppeld label, dus een label dat via het id aan het veld hangt in plaats van tekst die er toevallig boven staat. Een placeholder is geen label: hij verdwijnt zodra je typt, heeft vaak te weinig contrast en wordt niet consistent voorgelezen.
- Foutmeldingen die niet alleen op kleur leunen. Een rood randje is geen melding. Zeg in tekst wat er mis is en hoe het wel moet, zet die tekst bij het veld en breng de gebruiker er na het verzenden naartoe. Wie kleuren niet onderscheidt en wie laat voorlezen, heeft die tekst nodig.
- Niet vertrouwen op één zintuig. Klik op de groene knop rechtsonder werkt niet als je die kleur of positie niet waarneemt. Combineer signalen: kleur plus tekst, icoon plus label, geluid plus zichtbare melding. Datzelfde raakt video zonder ondertiteling of transcript.
Waarom achteraf zoveel duurder is dan vooraf
Vooraf meenemen is nauwelijks werk. Achteraf toevoegen betekent meestal opnieuw ontwerpen.
Het verschil zit niet in de losse fixes; een label koppelen aan een veld is een regel code. Deze problemen zitten zelden op één plek, maar in een keuze die je overal hebt herhaald. Haalt je merkkleur het contrast niet, dan verander je elke knop, link en statusbadge op elk scherm, en daarna kijkt iemand alles opnieuw na op wat er visueel is gaan schuiven. Zijn je knoppen klikbare divs, dan raak je je hele interactielaag aan.
Het komt bovendien vaak boven op het slechtste moment: als een klant een toegankelijkheidsparagraaf in het contract zet. Dan is het geen ontwerpkeuze meer maar een deadline. Beoordeel het dus in dezelfde ronde als beveiliging en foutafhandeling, zie wanneer is een prototype productierijp en de bredere lijst in van prototype naar productie.
Het raakt ook meer mensen dan je voor je ziet, want tijdelijke en situationele beperkingen tellen mee. Een gebroken pols betekent bediening met één hand, een oorontsteking video zonder geluid, en fel zonlicht haalt matig contrast net zo hard onderuit.
Zelf testen, en waar dat ophoudt
Je hebt geen specialist nodig om de grofste problemen te vinden.
Drie controles vinden verrassend veel. Doorloop je belangrijkste flow met alleen de Tab-toets: kun je overal komen, zie je waar je bent, is de volgorde logisch? Zoom daarna in tot tweehonderd procent en kijk of er niets wegvalt of over elkaar schuift. En haal je paletkleuren één keer door een contrastchecker.
Automatische scanners vinden de mechanische fouten: ontbrekende alt-teksten, velden zonder label, contrast dat uit de code te berekenen is. Ze kunnen niet beoordelen of een alt-tekst klopt of een foutmelding begrijpelijk is, dus een groene score betekent niet dat je voldoet. Wees ook voorzichtig met overlay-widgets die beloven je site met één regel code toegankelijk te maken: ze leggen een laag over de pagina, terwijl hulpsoftware juist het onderliggende HTML uitleest.
De test die wel uitsluitsel geeft, is iemand je flow laten doorlopen die er anders mee omgaat dan jij, zoals bij je app laten testen met gebruikers.
Veelgestelde vragen
Geldt de Europese toegankelijkheidsrichtlijn ook voor mijn app?
Dat hangt af van wat je app doet. De richtlijn geldt sinds 28 juni 2025 voor een afgebakende lijst: e-handelsdiensten, bankdiensten voor consumenten, e-boeken, communicatiediensten en onderdelen van personenvervoer. Kan een consument via je app iets kopen, dan valt je dienst er waarschijnlijk onder.
Ik heb een klein bedrijf, val ik onder de uitzondering voor micro-ondernemingen?
Micro-ondernemingen die diensten aanbieden zijn vrijgesteld van de toegankelijkheidsvoorschriften en van alles wat met naleving samenhangt. Zo'n onderneming heeft minder dan tien werknemers en een omzet of balanstotaal onder de drempel uit de richtlijn; beide voorwaarden tellen. De vrijstelling vervalt zodra je erover groeit.
Welke norm en welk niveau moet ik aanhouden?
De Europese norm EN 301 549, die voor websites en apps doorverwijst naar WCAG. Niveau AA is in de praktijk overal de lat. De nu gepubliceerde versie van de norm verwijst naar WCAG 2.1; er komt een versie die naar WCAG 2.2 verwijst.
Wat als mijn app alleen intern of zakelijk gebruikt wordt?
Dan val je waarschijnlijk buiten de lijst, want e-handelsdiensten zijn gekoppeld aan een consumentenovereenkomst. Dat betekent niet dat het niet uitmaakt: je eigen medewerkers hebben ook tijdelijke beperkingen, en zakelijke klanten zetten toegankelijkheid vaak in hun inkoopvoorwaarden.
Moet een prototype al toegankelijk zijn?
Een prototype dat alleen jij en een paar testers zien, hoeft niet aan de wet te voldoen. Wel loont het om twee keuzes goed te zetten: een kleurenpalet dat contrast haalt, en echte knoppen en labels in plaats van klikbare divs.
Wat gebeurt er als mijn website niet voldoet?
Het toezicht is per sector verdeeld: de ACM voor webshops en communicatiediensten, de AFM voor bankdiensten, het Commissariaat voor de Media voor e-boeken en audiovisuele mediadiensten. Consumenten kunnen klagen en een toezichthouder kan handhaven. Wat dat concreet betekent verschilt per situatie.