Moet je chatbot zeggen dat hij AI is?

Sinds 2 augustus 2026 geldt de transparantieplicht uit de AI-verordening. Kort gezegd: als iemand met een machine praat, moet hij dat kunnen weten. En wat een model maakt, moet als zodanig herkenbaar zijn. Dat raakt vrijwel elk prototype met een chatvenster.

Terug naar Kennis
01/09

Wat er precies moet

Twee dingen: melden dat het AI is, en markeren wat AI heeft gemaakt.

Het eerste is eenvoudig: een gebruiker die met een chatbot praat moet weten dat het geen mens is. Dat hoeft geen juridische tekst te zijn; het moet duidelijk zijn en op het moment zelf. Een regel bovenaan het gesprek volstaat, mits die niet wegvalt zodra iemand begint te typen.

Het tweede is technischer: wat een model genereert, moet machineleesbaar gemarkeerd zijn. Voor tekst, beeld, audio en video. Dat is er niet om jouw gebruiker te helpen maar om systemen verderop in de keten te laten zien waar iets vandaan komt.

Waar het in de praktijk misgaat is niet de tekst zelf maar de plek. Een melding die alleen in het welkomstbericht staat, verdwijnt uit beeld zodra het gesprek doorloopt. Iemand die halverwege binnenkomt via een gedeelde link, ziet hem nooit. Wat wel werkt is een blijvende aanduiding bij het venster: in de kop, naast de naam van de bot, of als vaste regel onder het invoerveld.

Let ook op de toon. Een bot die zich voordoet als medewerker, met een voornaam en een foto van een mens, valt niet buiten de plicht omdat het gezellig bedoeld is. Eerder omgekeerd: hoe menselijker de presentatie, hoe belangrijker dat er ergens onmiskenbaar staat wat het is.

02/09

Wat dit betekent voor een prototype

Zeg het gewoon

Een zin bovenaan het chatvenster. Niet in de voorwaarden, niet in een uitklapper.

Ook bij een menselijke naam

Als je bot een naam en een avatar heeft, wordt de meldplicht belangrijker, niet minder belangrijk.

Ook bij doorschakelen

Gaat het gesprek over naar een mens, maak dat dan net zo duidelijk als de start.

03/09

Wat markeren technisch inhoudt

Zichtbaar voor mensen is iets anders dan leesbaar voor machines.

De verordening vraagt twee dingen die vaak door elkaar lopen. Het eerste is dat een mens kan zien dat hij met een systeem praat: dat regel je met tekst op het scherm. Het tweede is dat gegenereerde inhoud machineleesbaar gemarkeerd is, zodat systemen verderop kunnen herkennen dat iets niet door een mens is gemaakt.

Voor beeld en video gaat dat via metadata die met het bestand meereist, en soms via een watermerk dat een bewerking overleeft. Voor tekst is de praktijk rommeliger: er is geen breed geaccepteerde manier om een zin te markeren zonder hem te veranderen. In de meeste toepassingen los je het op bij de bron: je slaat bij elk stuk gegenereerde tekst op dat het gegenereerd is, en je geeft dat mee wanneer die tekst je systeem verlaat.

Voor een prototype betekent dat vooral: bedenk dit voordat je gaat bouwen. Achteraf een herkomstveld toevoegen aan iets dat al draait, betekent dat je alle bestaande inhoud niet meer kunt onderscheiden.

04/09

Wat er nog niet geldt

  • De zware eisen voor hoog-risicotoepassingen zijn opgeschoven naar december 2027. Dat gaat over werving, kredietbeoordeling, toegang tot essentiële diensten en medische toepassingen.
  • Uitstel is geen afstel: de documentatie, het risicobeheer en de logging die daarbij horen, bouw je niet in een maand.
  • AI-geletterdheid geldt al sinds februari 2025, al is de formulering versoepeld. Toezichthouders verwachten dat je er iets aan doet.
05/09

Waar dit samenloopt met de AVG

Twee regelsets over hetzelfde chatvenster.

De meldplicht uit de AI-verordening gaat over weten dat je met een machine praat. De AVG gaat over wat er met je gegevens gebeurt. In een chatvenster komen die samen, want alles wat een gebruiker intypt gaat ergens heen en wordt mogelijk bewaard.

Wat je daarom naast de AI-melding nodig hebt: duidelijkheid over waar de invoer naartoe gaat, hoe lang die bewaard blijft en of hij gebruikt wordt om modellen te trainen. Dat laatste is de vraag die zakelijke klanten het vaakst stellen en waarop het antwoord van je leverancier afhangt, niet van jou. Zoek het op voordat iemand het vraagt.

Praktisch werkt het om beide dingen op één plek te zetten: één korte tekst bij het chatvenster die zegt dat het AI is, wat er met je invoer gebeurt, en hoe je een mens bereikt. Drie zinnen die samen twee regelsets afdekken en die bovendien gewoon behulpzaam zijn.

06/09

Wat een zakelijke klant hier al van vraagt

De vragenlijst loopt vooruit op de handhaving.

In de praktijk merk je deze regels het eerst niet via een toezichthouder maar via je eerste zakelijke klant. Inkoopafdelingen hebben hun vragenlijsten inmiddels bijgewerkt en vragen standaard of er AI in het product zit, of gebruikers dat kunnen zien, en wat er met hun invoer gebeurt.

Dat is meestal geen strikvraag. Wat ze willen weten is of jij het weet. Een duidelijk antwoord — hier zit een model, dit ziet de gebruiker, deze gegevens gaan erheen, dit bewaren we — is bijna altijd genoeg, ook als het antwoord niet perfect is.

Wat niet werkt is ontwijken. 'Wij gebruiken geen AI' terwijl er een taalmodel in je chatvenster zit, is het soort antwoord dat later een probleem wordt. Schrijf het één keer goed op en hergebruik het.

07/09

Hoe wij dit in een bouwdag doen

We zetten de melding er meteen in, want achteraf toevoegen betekent dat je het ontwerp opnieuw moet aanraken. Een prototype dat je aan gebruikers laat zien valt onder dezelfde regels als een product: de wet kijkt naar wat de gebruiker meemaakt, niet naar wat jij het noemt.

08/09

Wat je in de tekst zelf zet

Kort, duidelijk en op de plek waar het gelezen wordt.

Wat werkt is één zin die zegt wat het is en wat de gebruiker eraan heeft: dat hij met een geautomatiseerde assistent praat, dat antwoorden fouten kunnen bevatten, en hoe hij een mens bereikt. Die derde is degene die je gebruikers echt willen weten en die het vaakst ontbreekt.

Wat niet werkt is juridische formulering. 'Dit systeem maakt gebruik van kunstmatige intelligentie in de zin van Verordening (EU) 2024/1689' voldoet aan de letter en communiceert niets. De regel vraagt dat het duidelijk is voor de gebruiker, en dat is een taalvraag, geen juridische.

Zet de zin bovendien in dezelfde taal als het gesprek. Een Nederlandstalige bot met een Engelse disclaimer is precies het soort detail waar een toezichthouder of een inkoper over valt, en het is in vijf minuten opgelost.

09/09

Veelgestelde vragen

Geldt dit ook voor een interne tool?

Voor de meldplicht gaat het erom of iemand met het systeem in gesprek is. Een interne collega is ook iemand. Doe het gewoon; het kost een regel.

Wat als mijn bot alleen vaste antwoorden geeft?

Een beslisboom zonder model is geen AI-systeem in de zin van de verordening. Maar zodra er een taalmodel bij komt om te formuleren, is het dat wel.

Wat is de sanctie?

Handhaving loopt via de toezichthouder en de boetes in de verordening zijn fors. Belangrijker in de praktijk: een zakelijke klant die je vragenlijst stuurt, vraagt hier nu al naar.

Moet ik dit ook melden bij een spraakassistent?

Ja, en daar is het lastiger omdat er geen scherm is. De gangbare oplossing is dat het systeem het aan het begin van het gesprek zegt, in gewone taal, en het herhaalt als iemand ernaar vraagt. Een bot die op de vraag 'ben je een mens' ontwijkend antwoordt, is precies wat de regel wil voorkomen.

Wat als een mens de antwoorden nakijkt voor ze verstuurd worden?

Dan verandert er iets, maar niet alles. Is er echt een mens die per bericht beslist wat eruit gaat, dan is het gesprek niet volledig geautomatiseerd. Gaat het om steekproeven achteraf, dan blijft het een AI-gesprek en geldt de melding gewoon.

Geldt dit ook voor tekst die AI heeft geschreven op mijn website?

Voor gewone marketingteksten die je zelf redigeert en publiceert, is dat een ander onderwerp dan de meldplicht bij interactie. Waar het wel gaat spelen is bij inhoud die zonder tussenkomst wordt gegenereerd en gepubliceerd, en bij beeld dat echt lijkt.

Wil je zien wat een assistent met jouw systemen kan?

In een bouwdag ontsluiten we één systeem met leesrechten en bouwen we een assistent die er vragen over beantwoordt. Dan weet je of het idee hout snijdt.